Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Op 12 maart 2024 lanceerden we FAAM, het virtuele museum van Vlaanderen, met verhalen die voortbouwden op voorstellen van vele erfgoedcollega's. Wil je jouw cultureel erfgoed laten schitteren in het museum? Bezorg ons dan jouw voorstel via het formulier hieronder.
Deze verhalen werden reeds ingediend
Driekoningentaart
Het Bakkerijmuseum verzamelt sporen van het bakambacht en de bakcultuur in Vlaanderen. De traditie van Driekoningen en de bijbehorende taart is vandaag nog steeds een traditie die tot de levendige en rijke bakcultuur van Vlaanderen behoort.
Paling vissen op het getij van de rivier
Over vissen met boten op een rivier zijn weinig verhalen bekend of neergeschreven. Helemaal bijzonder wordt het wanneer die boten niet voortgedreven werden met een zeil, roeispaan of motor maar varen op het getij. Veertig jaar geleden werd deze traditie gerecupereerd als toeristische trekpleister in de stad Lier.
Een muntenweegschaaltje van textielteut Franciscus Damen
Handel en wandel van de 'teuten'. Teuten waren rondtrekkende kooplieden en ambachtslui, die actief geweest zijn van het einde van de 15de - begin 16de eeuw tot het einde van de 19de - begin 20ste eeuw. Ze wisselden een zwaar handelsseizoen buiten de eigen streek af met een periode van rust en ontspanning in huiselijke kring. Vanuit Belgisch Noord-Limburg en een klein stukje van Nederlands Noord-Brabant strekte hun handelsterrein zich uit over half Europa: Nederland, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg en zelfs Denemarken. Ze verdienden de kost met het snijden van hengsten en andere dieren, met ketellappen en met de verkoop van koperwaar, aardewerk, textiel en pruikenhaar. Ze onderscheidden zich van verwante (leurders-)groepen enerzijds door hun zeer strikte organisatie in grote of kleine compagnieën - al dan niet met hiërarchische taakverdeling, soms bij reglement of notarieel contract vastgelegd -, en anderzijds door het feit dat ze als enigen een beperkt krediet verleenden aan hun klanten. Op het einde van de 19de – begin 20ste eeuw kwam er, na meer dan vier eeuwen, een abrupt einde aan de teutenhandel.
Vakantiekolonies aan de Belgische kust. Honderdduizenden kinderen zagen dankzij de vakantiekolonies voor het eerst de zee, in de tijd dat op vakantie gaan nog niet vanzelfsprekend was.
Evolutie gezondheid en hygiëne
De Kortrijkse dakpannenindustrie
Het verhaal van de Kortrijkse dakpan die onder de naam Pottelberg een gigantisch succes werd, heden ten dage nog steeds alomtegenwoordig.
De Liermolen in Grimbergen
De Liermolen in Grimbergen, afdeling van het MOT, krijgt in 2024 met de steun van Vlaanderen een totale make-over. Alle gebouwen worden gerestaureerd en krijgen deels een nieuwe invulling, onder meer als erfgoedlogies. Het wordt een unieke beleving om te logeren in de voormalige molenaarswoning met werkende graanwatermolen te midden van een actieve museumsite. Aan de overkant van het erf komt een trekkershut voor de bedevaarders op weg naar Compostella. Het MOT heeft aan de Liermolen een educatieve werking met stages Vakwerk, een bijenhal in vakwerk waar imkers demonstaties houden, een bakhuis waar het brood gebakken wordt, een watermolen waar molenaars graan malen en een Wan-kot in vakwerk waar we graan dorsen en wannen. In de grote schuur, momenteel een Open depot van karren en wagens, komen na de restauratie hedendaagse workshop- en tentoonstellingszalen. Er wordt een onthaalpunt ingericht waar bezoekers info krijgen over het erfgoed en de natuur in de Maalbeekvallei.
Jeneverstoker in Hasselt vindt vaccin tegen runderpest uit
Midden 19de eeuw telt Hasselt één betekenisvolle industrie die het merendeel van de Hasseltse bevolking tewerkstelt: de jeneverindustrie. In ca. 25 jeneverstokerijen in de kleine binnenstad worden jaarlijks ruim 7.000 ossen vetgemest met de draf: het voedzame restproduct van de jeneverproductie. Jaarlijks brengen de Hasseltse stokers de ossen op de markt, die zo een enorm belangrijke extra bron van inkomsten waren voor de stokers. In 1836 brak helaas voor het eerst de 'veepest’ uit in Hasselt, een catastrofe voor de stokers én de inwoners van Hasselt. Deze epidemie trof toen ook het vee van de vader van de Hasseltse dr. Louis Willems die jeneverstoker was. In 1852 introduceert dr. Willems een procedé van actieve inenting die een plaatselijke infectie veroorzaakt waardoor het dier beschermd wordt tegen de natuurlijke ziekte. De "uitvinding" van dr. Willems vindt al vlug internationale erkenning in Nederland, Frankrijk, Engeland en Duitsland. Belgische erkenning komt er pas in 1865.
Het Prinsenkasteel in Grimbergen
Het Prinsenkasteel in Grimbergen is een kasteelruïne die deel uitmaakt van de afdeling Guldendal van het MOT. In 2024 starten er met de steun van Vlaanderen dringende instandhoudingswerken. Enkel de donjon is nog vrij intact bewaard en biedt plaats aan de tentoonstelling Steigers en steen. Bouwen aan het Prinsenkasteel. De andere vleugels van de eens zo imposante waterburcht zijn na de brand, aangestoken bij het vertrek van de Duitse bezetters in september 1944, vervallen en uiteindelijk ingestort. Het MOT is een museum rond technieken met natuurlijke aandrijving: wind, water en spieren. Het hoofdgebouw is het Guldendal, de voormalige paardenstallen van het Prinsenkasteel. Hier is er een tentoonstelling rond de houtbewerking. Buiten is er een smidse waar smeeddemonstraties plaatsvinden en een hoefstal waar zware trekpaarden worden beslaan. Op het nabijgelegen kasteeleiland heeft het MOT grote plannen om in en rond de donjon te werken rond historische bouwtechnieken.
Hasselt Hertekend
Met Architectuurwijzer willen we graag 'Hasselt Hertekend' voorstellen. Tot midden 19de eeuw kenmerkt Hasselt zich als een middeleeuws stadje met kerken, kloosters, jeneverstokerijen en burgerwoningen binnen de omwalling. De erkenning als provinciale hoofdstad in 1839, de afbraak van de stadsomwalling en de aanleg van een boulevard, een spoorlijn en een kanaal zorgen voor een keerpunt in de geschiedenis. Vanaf het midden van de 19de eeuw wordt Hasselt in diverse fases ‘hertekend’ tot de stad die we vandaag kennen.
De hersenen van Guido Gezelle
De taalvirtuoos Guido Gezelle, van wie het archief bewaard wordt in de Openbare Bibliotheek Brugge. Gezelles papieren erfenis was zeer uitgebreid en divers. Er zijn boeken met aanstrepingen en notities, poëziehandschriften met toevoegingen en verbeteringen van de dichter, duizenden brieven die getuigen van zijn enorme werkkracht, relicten zoals bidprentjes, diploma’s, foto’s en andere bijzondere objecten. Op het online belevingsplatform gezelle.be zijn tal van verhalen uitgewerkt die de veelzijdigheid van Gezelle tonen. Waarom had Gezelle een tomahawk en was hij gefascineerd door indianen ? Wie was Lady Smith, de mysterieuze buurvrouw van Gezelle ? Had Gezelle een uitzonderlijk brein ? Waarom werden de messen geslepen in aanloop naar het Gezelles eeuwfeest in Brugge? Elk van deze verhalen kan gelinkt worden aan één of meerdere plaatsen in Vlaanderen.
Rennende fallussen en vliegende vulva's
Vanaf de late 12de eeuw worden insignes als volks en goedkoop massaproduct op grote schaal verspreid, in de hele westerse wereld. Deze loodtinnen speldjes bootsen de kostbare broches na die van edelmetalen worden gemaakt. Ze worden verkocht bij openbare vertoningen en religieuze spektakels, en tijdens processies, volkstonelen, wagenspelen en spektakelstukken waar rijk en arm samen het publiek uitmaken. Mensen brengen ze ook mee van bedevaartsoorden, als souvenir. Er bestaan honderden soorten insignes. Het gamma gaat van heilig tot zeer profaan of werelds, van puur devotioneel tot extreem seksueel, van gelovig tot bijgelovig. Veel voorstellingen zijn voor ons en ook voor onderzoekers moeilijk te vatten. Insignes worden overal in Europa teruggevonden, maar vooral in N-W-Europa. Er zouden tussen 1300-1500 10 à 20 miljoen insignes in Europa zijn gemaakt. Maar een fractie hiervan is overgeleverd tot vandaag (versmolten of verloren gegaan).
Het Tourpeloton in de schaduw van de eerste wielerpioniers.
De allereerste officiële wielerwedstrijd in België op 20 juli 1868 in het Jubelpark te Brussel.
Kunstencentrum Ten Bogaerde
Kunstencentrum Ten Bogaerde biedt een platform voor internationale hedendaagse beeldende kunst en streeft naar de hoogste kwaliteit op vlak van presentatie, creatie, reflectie en publiekswerking. Door de ligging op een historische site vormt het een brug tussen het heden en het verleden, waardoor het recreatieve aanbod voor de meerwaardezoeker wordt verrijkt.
De razzia's van 1 en 11 augustus 1944 in Meensel-Kiezegem tijdens WOII
Tweede Wereldoorlog, Verzet en Collaboratie
Bernard Campmans, 40ste abt van de Duinenabdij (1623-1642): meesterlijk strateeg
Het Abdijmuseum verwierf recent meerdere stukken die verwijzen naar abt Bernard Campmans, een van de grootste strategen van de Duinenabdij. - Hij slaagde kort na zijn verkiezing erin om het vermeende lichaam van Abt Idesbald temidden de ruïne op te graven. Hij legde zo de basis voor de nog altijd bestaande devotie rond de Z. Idesbald. Het bezoek van aartshertogin Isabella gaf de prille verering de nodige boost. - Als gewezen rentmeester van Kloosterzande (NL) saneerde hij de abdijfinanciën en bracht hij de gemeenschap naar Brugge. - Hij verwierf van de bisschop van Brugge de vroegere dochterstichting Ter Doest. Hij liet op haar domein in Brugge de nieuwe abdij bouwen; nu het Grootseminarie. - Hij stimuleerde het culturele leven door de herinrichting van de bibliotheek, liet monniken studeren aan universiteiten en bestelde kunstwerken bij gerenommeerde kunstenaars uit die tijd.
Museum voor Heem- en Oudheidkunde
Een museumpje uit Kontich, klein en fijn, wil er misschien ook wel bij zijn. Het heeft veel troeven in handen om eenieders hart te verwarmen... Het is geschikt voor jong en oud, arm en rijk.... Sowieso komt ge er qua kennis en ervaring rijker uit dan dat je er bent binnengegaan ! De onderwerpen zijn legio, zij behandelen als het ware alle aspecten van het leven, en wat de tijdspanne betreft, het bestrijkt een periode van de prehistorie tot laat ons zeggen het heden. Een paar opvallende items, die zeker aan het licht moeten komen, zijn de Gallo-Romeinse periode, die hier te Kontich serieus wat ' voeten in de aarde ' heeft gehad ! Die Romeinen wisten waar het goed leven was en de plaatselijke bevolking heeft er ' goedschiks of kwaadschiks '( zoals dit niet alleen hier maar ook elders in ons land gebeurde ! ) heel wat van overgenomen, getuige hiervan vele aantrekkelijk en educatief gerangschikte voorwerpen in een belangrijk deel van het museum . Er zijn in het verleden verscheidene opgravingscampagnes geweest, grotendeels verricht door de Avra ( Antwerpse vereniging voor Romeinse Archeologie ). Vanaf dan is het meer wetenschappelijk aangepakt. Daarvoor waren er ook al ' speurtochten' gebeurd, maar de kennis van de Archeologie was toen nog niet zo uitgebreid. Sowieso zijn er voldoende bewijzen aangeleverd om te stellen dat hier te Kontich een belangrijke nederzetting geweest is. Er zijn een aantal mooie maquettes te zien, vooral die van de Gallo-Romeinse tempel, die dit aanschouwelijk maken . Een ander interessant item in het museum zijn de ' Merklappen', die zeer befaamd zijn , maar...het kan altijd beter, een groter ' forum' zou alleszins welkom zijn !
De strijd van Ambiorix tegen Caesar
Van 58 tot 51 v. Chr. veroverde de Romeinse generaal Julius Caesar Gallië, een immens gebied ten noorden van de Alpen en de Pyreneeën en ten westen van de Rijn dat het huidige Frankrijk, België en Luxemburg omvat, evenals grote delen van Nederland, Duitsland en Zwitserland. In 57 v. Chr. onderwierp hij de Belgae, die het noorden van Gallië bewoonden, en daarmee ook het grondgebied van het huidige België. In de herfst van 54 v. Chr. leidde Ambiorix een opstand tegen de Romeinen. Ambiorix was een leider van de Eburonen, een Belgische stam die o.a. de oostelijke helft van het huidige Vlaanderen bewoonde. De opstand begon met een verrassende overwinning van de Eburonen: ze slaagden erin ongeveer anderhalf Romeins legioen te vernietigen. Naburige stammen als de Aduatuci en de Nerviërs volgden hun voorbeeld. In 53 v. Chr. sloeg Caesar evenwel hard terug met een enorme militaire overmacht. Daarmee was de Romeinse verovering van onze gewesten een feit. Meer dan vier eeuwen lang bleef onze regio deel van het Romeinse rijk.
het verhaal van Egmont (en de sporen ervan in Zottegem: Egmontkamer, Egmontcrypte, Egmontkasteel, Egmontstandbeelden)
het verhaal van (Lamoraal van) Egmont : een tragisch en levendig persoonlijk verhaal, ingebed in één van de hoofdthema's ('Geloven en twijfelen'/ scrollstory godsdienstoorlogen)
Tina Lucas en het verhaal van de Komeetlijn
Een belangrijk thema dat zeker niet mag ontbreken is de Komeetlijn en de rol die het Hasseltse echtpaar Collin daarin speelde. In de Hasseltse Demerstraat is aan een gevel een gedenkplaat bevestigd die herinnert aan Lucien Collin en zijn werk voor het Geheim Leger. Collin maakte, samen met zijn vrouw, onderdeel uit van de Komeetlijn.
Deze Komeetlijn was de ontsnappingsroute waarlangs vele neergestorte geallieerde piloten konden ontsnappen uit bezet gebied. Veel Hasselaren, Limburgers en Belgen waren bij deze geheime operatie betrokken.. Het is ondoenlijk om bij alle verhalen en daden van deze moedige landgenoten stil te staan. Dit verhaal focust zich daarom op de naam op de gedenkplaat: Collin. Wat deed deze man dat zo bijzonder was dat de woorden in de Demerstraat ons er tot op de dag van vandaag aan hem herinneren. Maar ook zijn vrouw Tina Lucas, een overlevende van de concentratiekampen mag zeker niet vergeten worden. Zij zou in dit thema de hoofdrol moeten spelen.
Het Gentse Pierke
Over heel Vlaanderen creëren poppenspelers in kleine theaters een fantasierijke wereld vol verwondering of hilariteit. Bekend zijn de Neus, de Schele, de Bult uit de Antwerpse Poesjenellen. Of stangpoppentheater Toone in Brussel. Er zijn ook heel wat minder bekende theaters, die daarom niet minder magisch zijn. De meest levendige poppenspeltraditie vind je wellicht in Gent. De figuur van Pierke speelt al meer dan honderd jaar de hoofdrol in het Gentse poppenspel. Eerder brengt hij als klein rolletje al luchtige intermezzo’s in meer serieuze stukken. Het rebelse, maar goedhartige Pierke spreekt tot de verbeelding van jong en oud, zowel vroeger als vandaag. Hij heeft lak aan regels en gaat de strijd aan met slechteriken. Hij verbindt verschillende generaties in hun gezamenlijke herinneringen aan het Pierkespel. De spelers blijven trouw aan een lange traditie maar evolueren tegelijkertijd mee met hun tijd. Het is een mooi voorbeeld van hoe dynamisch immaterieel erfgoed kan zijn.
700 Jaar Duinheren aan de Vlaamse Kust
Bijna 700 jaar drukte de gemeenschap van de cisterciënzerabdij O.-L.-V.-Ten Duinen te Koksijde haar stempel op de ontwikkeling van de Noordzeekust van Duinkerke in Frankrijk, over de Vlaamse Kust tot het verdronken land van Saeftinghe in Nederland. Van bij de eerste abdij in 1128 – toen nog benedictijns – tot in 1833, het overlijden van de laatste Duinheer Nikolaas De Roover, waren de monniken van de Duinenabdij belangrijke maatschappelijke influencers aan de Vlaamse Kust. De sporen van de gemeenschap te Koksijde zijn vandaag nog altijd zichtbaar in het bewaarde erfgoed van architectuur en kunst tot dagelijkse voorwerpen, de historische domeinen, het kustlandschap en last but not least de imposante archeologische site en de devotie rond de Zalige Idesbald. Dit laatste vertaalt zich in plaatsnamen, persoonsnamen en immaterieel erfgoed, van volksdevotie tot de biercultuur.