Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Op 12 maart 2024 lanceerden we FAAM, het virtuele museum van Vlaanderen, met verhalen die voortbouwden op voorstellen van vele erfgoedcollega's. Wil je jouw cultureel erfgoed laten schitteren in het museum? Bezorg ons dan jouw voorstel via het formulier hieronder.
Deze verhalen werden reeds ingediend
Kunstwerkstede De Coene, een van de belangrijkste houtverwerkende bedrijven van België
Het thema creatief design en productontwikkeling voert ons terug tot de middeleeuwse ambachten en is van belang voor heel de beeldvorming van Vlaanderen door de eeuwen heen.
Theobalds Boothuisje in de Vlaanderenstraat, t'smalste Art-nouveau pand van Oostende
Theobalds Boothuisje is een Klein Museum, een Galerie en het Atelier van beeldend kunstenaar Irène Philips.
Molenforum Vlaanderen vzw
De vereniging stelt zich tot doel een overkoepelend forum te vormen voor alle in Vlaanderen werkzame molenverenigingen en molenmusea. Zij streeft ernaar alle onderzoeksvelden te behartigen die worden bestreken door molinologie. Molenforum Vlaanderen zet de moleneigenaars ertoe aan om hun cultureel erfgoed te restaureren en te onderhouden, adviseert en verleent steun bij de samenstelling van onderhouds- en restauratiedossiers en geeft desgevraagd praktische steun bij de uitvoering ervan. Zij steunt de "Europese Molenmaand Mei". Elk jaar wordt eind april een Vlaamse Molendag georganiseerd in de vijf Vlaamse provincies.
Franse klassen in Antwerpse scholen
Het fenomeen van de transmutatieklassen in Vlaanderen. Het systeem vindt zijn oorsprong in Brussel aan het einde van de 19de eeuw om de tweetaligheid bij leerlingen te bevorderen. Meer dan dertig jaar later wordt het systeem opnieuw geïntroduceerd in Vlaanderen om leerlingen Nederlands aan te leren.
Straks winkelen met een Vlaamse munt
Dit is het verhaal van de Vlaamse Frank die midden jaren 80 een geduchte concurrent werd van de Belgische frank.
De eerste mensen in Vlaanderen
De tot nog toe oudste sporen van menselijke aanwezigheid in het gebied dat we tegenwoordig het Vlaamse gewest noemen zijn minstens 400000 jaar, maximaal 500000 (een half miljoen) jaar oud. Het gaat om silex (vuurstenen) werktuigen gemaakt door Heidelbergmensen (Homo heidelbergensis). Heidelbergmensen waren de voorouders van zowel de neanderthaler (Homo neanderthalensis) als van de moderne mens (Homo sapiens). De Heidelbergmens was 700000 à 500000 jaar geleden de eerste mensensoort die Europa ten noorden van de Alpen en de Pyreneeën koloniseerde. Het is dus mogelijk dat er in de Vlaamse ondergrond nog oudere resten op ontdekking wachten. In onze gewesten bevinden archeologische sites uit die tijd zich immers zeer diep onder de grond. Dat komt omdat ze tijdens de ijstijden begraven zijn onder metersdikke zand- of leemafzettingen. Ze komen daarom slechts bij toeval aan het licht onderin metersdiepe zand- of leemgroeves. Tussen 300000 en 200000 jaar geleden evolueerden de Heidelbergmensen ongeveer gelijktijdig in Europa tot neanderthalers en in Afrika tot moderne mensen.
Antonia Engelen, vrome vrouw, begijn
Begijnen zijn vrouwen die sinds de 13de eeuw een gemeenschap vormen waarin ze zelfbewust samenleven. In hun zoektocht naar een veilige geaccepteerde woonvorm en een manier om hun vrouwelijke spiritualiteit te beleven ontstaan de begijnhoven. Ze bloeien vooral in de Lage Landen. Vandaag vormen deze plekken nog steeds eilandjes in het stedelijke weefsel die getuigen van de fascinerende traditie van de begijnen.
De oudste kaart van Vlaanderen
Binnen de manuscriptenverzameling van de Openbare Bibliotheek Brugge bewaren we een middeleeuwse kaart die bekend staat als de oudste kaart van Vlaanderen. Het is een topstuk. De kaart werd opgenomen in het boek De geschiedenis van België in 100 oude kaarten dat in 2021 verscheen.
Het politieke en maatschappelijke debat rond het milieu in de jaren 1970
'Energie en democratie'. Het politieke en maatschappelijke debat rond het milieu in de jaren 1970
: Collectie strafrechtelijke voorwerpen Veurne
De stad Veurne bezit een unieke verzameling gerechtigheidsvoorwerpen of schandstrafstukken. De collectie dateert uit de periode 1499-1623.
Waarschijnlijk zijn de voorwerpen afkomstig uit de Vierschaar van de stad zelf of van de Kasselrij Veurne. Deze schandstrafstukken zijn zeer unieke voorwerpen uit de geschiedenis van Vlaanderen.
De collectie bestaat uit 11 geelkoperen stukken, namelijk 7 platen met opschriften, 2 afbeeldingen van hoofden, en 2 afbeeldingen van handen.
De voorwerpen vertegenwoordigden zware financiële straffen voor wie die opgelegd kreeg. De voorwerpen werden tentoongesteld in de Vierschaar en bleven zo jarenlang een schande voor de veroordeelde zelf, maar ook voor zijn familie.
De koperen hoofden met (ontbrekende) ring of slot door de lippen, betekenden een straf voor aansporen tot oproer, voor het beledigen van God, voor smaad of laster tegenover ambtenaren die de stad bestuurden of het gerecht vertegenwoordigden.
De handen, gebalde vuist of hand die een (ontbrekende) dolk vasthoudt staan symbool voor wie lichamelijk geweld heeft gepleegd.
De begeleidende platen vermeldden de naam van de veroordeelde, de reden van de veroordeling en het vonnis met datum. De gerechtigheidsvoorwerpen waren dus bedoeld als voorbeeld voor het volk en als eerherstel voor het slachtoffer, en tentoongesteld voor het volk. De voorwerpen verwijzen dus zeker niet naar verminkingen zoals eerder in de vroege Middeleeuwen.
De stukken worden bewaard in het vroegere Stadhuis van Veurne, ingericht als museum.
De Vierschaar is het gerechtelijk bestuur in Vlaanderen tijdens de Middeleeuwen en het Ancien Régime.
Rennende fallussen en vliegende vulva's
Vanaf de late 12de eeuw worden insignes als volks en goedkoop massaproduct op grote schaal verspreid, in de hele westerse wereld. Deze loodtinnen speldjes bootsen de kostbare broches na die van edelmetalen worden gemaakt. Ze worden verkocht bij openbare vertoningen en religieuze spektakels, en tijdens processies, volkstonelen, wagenspelen en spektakelstukken waar rijk en arm samen het publiek uitmaken. Mensen brengen ze ook mee van bedevaartsoorden, als souvenir. Er bestaan honderden soorten insignes. Het gamma gaat van heilig tot zeer profaan of werelds, van puur devotioneel tot extreem seksueel, van gelovig tot bijgelovig. Veel voorstellingen zijn voor ons en ook voor onderzoekers moeilijk te vatten. Insignes worden overal in Europa teruggevonden, maar vooral in N-W-Europa. Er zouden tussen 1300-1500 10 à 20 miljoen insignes in Europa zijn gemaakt. Maar een fractie hiervan is overgeleverd tot vandaag (versmolten of verloren gegaan).
Gregoriaanse muziek in Vlaanderen
Gregoriaans wordt in de katholieke kerk wereldwijd nog (heel af en toe) gezongen. In West-Europa is het de oudste nog gekende muziekvorm, goed gedocumenteerd, maar nu met uitsterven bedreigd. In Vlaanderen komt het gregoriaans binnen samen met de grote bekeerders: van Amandus en Bavo in Gent tot eeuwen later Norbertus in Antwerpen. Door Karel de Grote en Paus Gregorius worden instructies de wereld ingestuurd om het gregoriaans te uniformiseren - niet alleen uit muzikale of religieuze overwegingen, politiek speelde uiteraard altijd mee. In de Vlaamse en Brabantse kloosters en abdijen werden prachtig verluchte werken gekopieerd, waardoor we vandaag nog een behoorlijk goed idee hebben wat en hoe 1000 (!) jaar in Vlaanderen werd gezongen. En alle uniformiteit te spijt, de Gentenaren hadden toch hun eigen gregoriaans: er zijn officiegezangen bewaard, waar het leven van Bavo wordt verteld en de rol die de Fiere Stede daarin speelde.
Ontstaansgeschiedenis van Museum Dhondt-Dhaenens
De ontstaansgeschiedenis van Museum Dhondt-Dhaenens en het verhaal van stichters Jules en Irma Dhondt-Dhaenens. De historische collectie van het museum is een tijdscapsule die het verhaal vertelt van een geëngageerd mecenaskoppel. Irma en Jules Dhondt-Dhaenens kochten kunst vanuit een sterke band met de kunstenaars en de Leiestreek en zetten zich in voor de bevordering van het Vlaamse cultuurlandschap. Hun collectie is een verrassende dwarsdoorsnede aan stijlen en kunstenaars, ook al is die in de kern vooral bekend voor de Latemse scholen.
De keizer komt!
Vlaanderen is ontstaan vanuit de kuststreek en was in de 10de eeuw beperkt tot de linkeroever van de Schelde tot het midden van de 11de eeuw. Aan de andere kant van de Schelde bevond zich immers het Heilig Roomse Rijk, het keizerrijk dat reikte tot het zuiden van Italië en het noorden van Duitsland. Vanaf 994 ontstaan er politieke spanningen tussen de graaf van Vlaanderen en de Duitse keizer, en worden in de handelsnederzetting Ename aan de Schelde belangrijke investeringen gedaan in de versterking en uitbouw van de handelsactiviteiten. Ook wordt een nieuwe kerk gebouwd, toegewijd aan de Italiaanse martelaar Sint-Laurentius, de patroonheilige van de Ottoonse dynastie die het Heilig Roomse Rijk bestuurde. Deze kerk is vandaag uitzonderlijk goed bewaard en gerestaureerd na grondig archeologisch en bouwkundig onderzoek.
De transvaalstrijd of Boerenoorlog
Steun van de Vlaamse Beweging aan de Zuid-Afrikaners of Boeren - Vlaamse bewustwording.
Kempisch kieken, wereldkieken
'Beste Campinisten!' Kempische commons op zijn mooist Campinisten zijn vrienden, leden, sympathisanten, fans, kwekers, ... van het Kempens Hoen. Het Kempens Hoen is niet enkel een vzw maar ook een ‘echt kieken’. 100 jaar geleden verdween bij ons het Belgische kippenras door oorlog, industrialisering en export. Het ras overleefde echter in het buitenland en werd in 2013 terug naar eigen bodem gebracht. Kempens Hoen vzw vraagt alle Kempenaren om bij te dragen aan een gemeenschappelijke doel: het Kempisch kieken in ere herstellen als gezond, productief en smakelijk streekras. In een participatief project laat de vzw de verschillende erfgoeddragers uitblinken: kwekers, ambassadeurs, boeren en chef-koks. Ze staan mooi naast elkaar op de website www.kempenshoen.be. De vzw publiceert daarnaast een blog met historische berichten over de ‘kiekens’ om zo de Kempenaren te inspireren en de oude verhalen te borgen. De vzw creëert ook nieuwe verhalen door onder meer keurmomenten tussen kwekers en tastings met chef-koks te organiseren. Minister van Cultuur Jan Jambon: “Het initiatief is breed gedragen en verenigt verschillende partners. Ontdekken, kweken, bereiden en proeven komen mooi aan bod op de website. De communicatie van de vzw is heel goed uitgedacht. Het project zorgt ervoor dat ‘levend erfgoed’ in de betekenis van ‘oude rassen’, zichtbaar wordt binnen het immaterieel-erfgoedbeleid.”
'Het Rood Komplot van 1940-1950'. Toekomstvisies en propaganda rond de Koningskwestie in de literatuur en populaire cultuur
In februari 1950 verschijnt de brochure 'Komplot gezien door een historicus in ’t jaar 2200' samen met de Franstalige versie. De auteur is de West-Vlaamse liberale politicus Hilaire Lahaye, die hiermee in volle Koningskwestie een origineel pamflet ten voordele van Leopold III verspreidt. In de futuristische novelle werkt een historicus in het jaar 2200 aan een studie over een bijzondere episode uit de twintigste eeuw. Hij moet werken op basis van boeken en fragmenten van historische krantencollecties die de Derde Wereldoorlog hadden overleefd. Nu burgers zich met raketten verplaatsen en hun vakantie op de maan doorbrengen, wil hij achterhalen hoe het in 1940-1950 zover kon komen dat communisten en socialisten een republikeins complot beraamden tegen de Belgische monarchie via de koningskwestie. Uiteindelijk bracht een volksraadpleging in Lahayes toekomstbeeld rust en orde met de terugkeer van Leopold III. Dit fictieve einde bleek veel te optimistisch.
De Kortrijkse dakpannenindustrie
Het verhaal van de Kortrijkse dakpan die onder de naam Pottelberg een gigantisch succes werd, heden ten dage nog steeds alomtegenwoordig.
Het kalf van Catho
In 1914 werd er in één van de 20 staatsboerderijen in Lommel-Kolonie – bewoond door Hendrikus Poelmans (°Lommel 23/12/1856 en +Lommel 02/11/1918) en Catharina (Catho) Claes °Lommel 10/09/1879 en +Munsterbilzen 17/06/1961) - een kalf met twee koppen geboren. Omdat dit zo een unieke gebeurtenis was, werd het dier opgezet en werd het een rariteit waar de inwoners van het gehucht nieuwsgierig naar kwamen kijken. Uit de Gazet van Lommel 2de jaargang, nr. 14 Zondag 5 april 1914 Pagina 2 Provincienieuws Colonie “Bij den pachter Poelmans alhier, is deze week een wonderkalf geboren, hebbende twee koppen gansch volmaakt. Spijtig dat het dier niet levend is kunnen geboren worden; de vaars ook is moeten afgemaakt worden”.
Emile Claus en “Bietenoogst”
Emile Claus algemeen erkend als belangrijkste impressionist in Vlaanderen - “Bietenoogst” (1890), opgenomen op de Topstukkenlijst en erkend als één van de 10 belangrijkste kunstwerken in Vlaanderen. - 2024 uitgeroepen als Emile Clausjaar. - Emile Claus als Vlaamse Meester (cf. goedgekeurd dossier relance-project Vlaamse Meester door Toerisme Vlaanderen)
Druk aan het werk in het atelier van Christoffel Plantijn
Intact. Drukklaar. Zo staan ze er bij, de oudste drukpersen ter wereld. Plantijn zelf of zijn schoonzoon Jan Moretus hebben de beide drukpersen misschien nog gekend. Ze hebben zichtbaar een bewogen leven achter de rug. Ze zijn de eerste getuigen van een mijlpaal in de geschiedenis: de uitvinding van de boekdrukkunst. Welkom in de drukkerij van de uitgever Christoffel Plantijn. Hij start in 1555 zijn succesvolle bedrijf ‘De Gulden Passer’. Het drukkersatelier is het kloppend hart van het bedrijf. In de tijd van Christoffel Plantijn zelf (zo rond 1575) stonden er zeker 16 drukpersen. De drukkerij telde 56 personeelsleden. Er wordt hard gewerkt, maar ook geklaagd, geruzied en geleefd. Die levendige verhalen kennen we uit het bewaarde bedrijfsarchief. Plantijns bedrijf was in die tijd wereldwijd de grootste in zijn soort. Heel het atelier van de drukkerij ligt er na bijna 450 jaar nog steeds bij alsof de drukkers en letterzetters elk moment aan het werk kunnen gaan.