Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Op 12 maart 2024 lanceerden we FAAM, het virtuele museum van Vlaanderen, met verhalen die voortbouwden op voorstellen van vele erfgoedcollega's. Wil je jouw cultureel erfgoed laten schitteren in het museum? Bezorg ons dan jouw voorstel via het formulier hieronder.
Deze verhalen werden reeds ingediend
Paling vissen op het getij van de rivier
Over vissen met boten op een rivier zijn weinig verhalen bekend of neergeschreven. Helemaal bijzonder wordt het wanneer die boten niet voortgedreven werden met een zeil, roeispaan of motor maar varen op het getij. Veertig jaar geleden werd deze traditie gerecupereerd als toeristische trekpleister in de stad Lier.
De Beiaardcultuur in Vlaanderen: dat klinkt (erf)goed!
De beiaardkunst, of het musiceren op torenklokken met stokkenklavieren, is een muzikale traditie die haar wortels heeft in het Vlaanderen van de 16de eeuw. De beiaardcultuur zelf is echter meer dan enkel het musiceren. Het gaat ook om de kennis en kunde van de beiaardiers, het wijzigende repertoire dat gespeeld wordt binnen de traditie van bv. ‘marktbespelingen’ en zomeravondconcerten, en de opleiding van nieuwe generaties beiaardiers. Als collectief gebeuren speelt beiaardmuziek nog steeds een rol in het vertolken van waarden en gevoelens die in locale gemeenschappen leven…
Parels en pailletten
Lierse kant is handborduurwerk op machinaal geweven tule. De tule is opgespannen op een raam. De katoenen draad wordt met een haaknaald via kettingsteken op de tule geborduurd. Deze Lierse kant wordt over heel Europa en zelfs naar Amerika uitgevoerd. Vooral de variant met parels en pailletten die verwerkt worden in luxueuze handtassen en avondjurken kent een groot succes.
Zijn rugzak redde zijn leven
De Eerste Wereldoorlog, in het bijzonder de Slag bij Passendale, 1917.
De bloeitijd van het humanisme in Leuven
Tijdens de 16e eeuw beleefde de Leuvense universiteit haar gouden eeuw. Vernieuwende denkers zoals Desiderius Erasmus en Juan Luis Vives verbleven hier en gaven er soms les. De eerste druk van het spraakmakende boek Utopia van Thomas More verscheen in Leuven in 1516 bij Dirk Martens. In 1517 was Erasmus de drijvende kracht achter de stichting van het baanbrekende Collegium Trilingue, waar studenten les kregen in de drie gewijde talen, Latijn, Grieks en Hebreeuws, via de rechtstreekse studie van de Bijbel en de klassieken. De pedagogische aanpak drukte zijn stempel op de ‘humaniora’, het secundair onderwijs zoals dit in onze streken ontwikkeld werd. Het college kende beroemde docenten zoals Justus Lipsius. Verscheidene studenten ontpopten zich nadien als vernieuwers in andere domeinen: Gemma Frisius in de wiskunde, Vesalius in de geneeskunde, Mercator in de cartografie, Andreas Masius in de tekstkritiek en de studie van de Bijbel, enzovoort. Ook afgestudeerden uit die periode bleven met elkaar in contact, zoals blijkt uit de correspondentie van Frans Cranevelt (1485-1564), die erkend is als topstuk door de Vlaamse Gemeenschap.
Een muntenweegschaaltje van textielteut Franciscus Damen
Handel en wandel van de 'teuten'. Teuten waren rondtrekkende kooplieden en ambachtslui, die actief geweest zijn van het einde van de 15de - begin 16de eeuw tot het einde van de 19de - begin 20ste eeuw. Ze wisselden een zwaar handelsseizoen buiten de eigen streek af met een periode van rust en ontspanning in huiselijke kring. Vanuit Belgisch Noord-Limburg en een klein stukje van Nederlands Noord-Brabant strekte hun handelsterrein zich uit over half Europa: Nederland, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg en zelfs Denemarken. Ze verdienden de kost met het snijden van hengsten en andere dieren, met ketellappen en met de verkoop van koperwaar, aardewerk, textiel en pruikenhaar. Ze onderscheidden zich van verwante (leurders-)groepen enerzijds door hun zeer strikte organisatie in grote of kleine compagnieën - al dan niet met hiërarchische taakverdeling, soms bij reglement of notarieel contract vastgelegd -, en anderzijds door het feit dat ze als enigen een beperkt krediet verleenden aan hun klanten. Op het einde van de 19de – begin 20ste eeuw kwam er, na meer dan vier eeuwen, een abrupt einde aan de teutenhandel.
Druk aan het werk in het atelier van Christoffel Plantijn
Intact. Drukklaar. Zo staan ze er bij, de oudste drukpersen ter wereld. Plantijn zelf of zijn schoonzoon Jan Moretus hebben de beide drukpersen misschien nog gekend. Ze hebben zichtbaar een bewogen leven achter de rug. Ze zijn de eerste getuigen van een mijlpaal in de geschiedenis: de uitvinding van de boekdrukkunst. Welkom in de drukkerij van de uitgever Christoffel Plantijn. Hij start in 1555 zijn succesvolle bedrijf ‘De Gulden Passer’. Het drukkersatelier is het kloppend hart van het bedrijf. In de tijd van Christoffel Plantijn zelf (zo rond 1575) stonden er zeker 16 drukpersen. De drukkerij telde 56 personeelsleden. Er wordt hard gewerkt, maar ook geklaagd, geruzied en geleefd. Die levendige verhalen kennen we uit het bewaarde bedrijfsarchief. Plantijns bedrijf was in die tijd wereldwijd de grootste in zijn soort. Heel het atelier van de drukkerij ligt er na bijna 450 jaar nog steeds bij alsof de drukkers en letterzetters elk moment aan het werk kunnen gaan.
De personenverhalen van het In Flanders Fields Museum
De grote en de kleine geschiedenis van mensen die in de Eerste Wereldoorlog leefden, overleefden, op de vlucht sloegen en soms ook stierven
Het vluchtverhaal en kunstverhaal van Saif
Het onderwerp van vluchtelingen en hedendaagse migratie.
Sint-Bavo en de valkerij in de Vlaanderen
Valkerij is zowel in Vlaanderen als door UNESCO erkend als immaterieel cultureel erfgoed. In de periode van de gulden middeleeuwen, onder het bewind van de Bourgondiërs kende de valkerij in de Nederlanden een hoogconjunctuur. De bekendste figuur was Maria Van Bourgondië, toen vorstin van de Nederlanden, welke op 27 maart 1482 verongelukte tijdens een reigerjacht met valk te Torhout. Ze ligt begraven in de O.L.V. Kerk te Brugge. Elk jaar, op de eerste zondag van oktober vieren valkeniers de naamdag van hun patroonheilige Sint-Bavo in de Sint-Baafskathedraal te Gent welke tevens patroonheilige is van het bisdom Gent.
Museum voor Heem- en Oudheidkunde
Een museumpje uit Kontich, klein en fijn, wil er misschien ook wel bij zijn. Het heeft veel troeven in handen om eenieders hart te verwarmen... Het is geschikt voor jong en oud, arm en rijk.... Sowieso komt ge er qua kennis en ervaring rijker uit dan dat je er bent binnengegaan ! De onderwerpen zijn legio, zij behandelen als het ware alle aspecten van het leven, en wat de tijdspanne betreft, het bestrijkt een periode van de prehistorie tot laat ons zeggen het heden. Een paar opvallende items, die zeker aan het licht moeten komen, zijn de Gallo-Romeinse periode, die hier te Kontich serieus wat ' voeten in de aarde ' heeft gehad ! Die Romeinen wisten waar het goed leven was en de plaatselijke bevolking heeft er ' goedschiks of kwaadschiks '( zoals dit niet alleen hier maar ook elders in ons land gebeurde ! ) heel wat van overgenomen, getuige hiervan vele aantrekkelijk en educatief gerangschikte voorwerpen in een belangrijk deel van het museum . Er zijn in het verleden verscheidene opgravingscampagnes geweest, grotendeels verricht door de Avra ( Antwerpse vereniging voor Romeinse Archeologie ). Vanaf dan is het meer wetenschappelijk aangepakt. Daarvoor waren er ook al ' speurtochten' gebeurd, maar de kennis van de Archeologie was toen nog niet zo uitgebreid. Sowieso zijn er voldoende bewijzen aangeleverd om te stellen dat hier te Kontich een belangrijke nederzetting geweest is. Er zijn een aantal mooie maquettes te zien, vooral die van de Gallo-Romeinse tempel, die dit aanschouwelijk maken . Een ander interessant item in het museum zijn de ' Merklappen', die zeer befaamd zijn , maar...het kan altijd beter, een groter ' forum' zou alleszins welkom zijn !
Yvette Vitesse: de keverbaan van Bellewaerde
Het kevertje dat de legendarische keverbaan van het Ieperse pretpark Bellewaerde trok, staat sinds 7 februari 2023 in het Yper Museum. Ze reed in november 2022 haar allerlaatste ritje en behoort sindsdien tot de museumcollectie van het Yper Museum.
De transvaalstrijd of Boerenoorlog
Steun van de Vlaamse Beweging aan de Zuid-Afrikaners of Boeren - Vlaamse bewustwording.
Le Phoenix: de eerste moderne metaalfabriek van Vlaanderen
Gent is vandaag alom gekend om haar roemrijke textielverleden. Niet voor niets kreeg ze de bijnaam ‘Manchester van het vasteland’. Maar katoen was niet het enige dat er de industriële revolutie van de 19e eeuw aandreef. Wie weet nog dat samen met die spinnerijen en weverijen ook metaalfabrieken in de Arteveldestad floreerden? Dat is een veel minder bekend stukje Gentse geschiedenis. Le Phoenix, Carels, Van den Kerchove, ABC … vooral de Gentse machinebouwers stonden in de 19e eeuw met hun stoommachines en motoren aan de top van de Vlaamse en zelfs Europese machinebouw! Van Vlaanderen over Roemenië, Rusland en Belgisch Congo: Gentse machines dreven wereldwijd talloze fabrieken aan. Is het dan verwonderlijk dat Rudolf Diesel in 1894 de allereerste licentie om zijn befaamde Dieselmotor te produceren aan het Gentse bedrijf Carels gaf?
Van Groeningeabdij naar Abby
Het verhaal van de Kortrijkse Groeningebdij, gelinkt aan de Guldensporenslag en het mirakelbeeld van Onze-Lieve-Vrouw van Groeninge
Vrouwen emancipatie binnen de liberale beweging
Het verhaal past in de bredere emancipatiebeweging in Vlaanderen. Het beantwoordt de vraag op welke manier vrouwen zich hebben verenigd in het verleden om hun stem te laten horen.
Naar Iseland, naar Iseland, naar Iseland toe… Onze Vlaamse IJslandvaarders
Stel je voor dat je op het einde van de winter, in maart, met een zeilboot vertrekt richting IJsland om er te vissen. In barre omstandigheden, want stormweer en ijsschotsen maken de reis tot een levensgevaarlijke expeditie. Alsof dat niet volstaat, kom je pas binnen een half jaar terug thuis, als de herfst alweer in het land is. Of nog erger: je ziet je vaderland nooit meer terug en blijft achter in de ijzige wateren rond IJsland. Het lijkt nu misschien onvoorstelbaar, maar voor generaties vissers langs de Westkust was het jarenlang bittere realiteit. Vooraleer de stoomschepen hun intrede deden aan het einde van de negentiende eeuw, trotseerden ze al eeuwen de IJslandse golven aan boord van grote zeilschepen. In de Noord-Franse havens van Gravelines en Duinkerke scheepten ze in op zogenaamde goélettes (of galetten in vervlaamste vorm). De Vlamingen stonden er bekend als harde en ervaren werkers. Tot aan het begin van de twintigste eeuw trokken jaarlijks tussen 100 en 200 Vlaamse vissers zo naar IJsland om hun geluk te beproeven. De kabeljauwcampagne rond IJsland besloeg zes maanden. De reis naar IJsland zelf, de traverse, duurde twee à drie weken afhankelijk van de weersomstandigheden. Het vissen op kabeljauw gebeurde met lang kollijnen die onderaan voorzien waren van een stuk lood en een vishaak. De vangst werd op een heel specifieke manier bewerkt, gezouten en luchtledig verpakt in tonnen: de visserij ten zoute. Na drie maanden van zwaar werk in gure omstandigheden, kregen de vissers een weekje rust. De galette zocht eind mei een IJslandse baai op om er vers drinkwater in te slaan en herstellingen uit te voeren. Na dat ‘baaien’ volgde het achterseizoen, dat duurde tot de kabeljauw niet meer bewaard kon worden omdat het zout op was. Na 6 maanden kon dan toch de retourtraverse ingezet worden. Eindelijk terug huiswaarts.
13 mei 1944, een Halifax stort neer in Londerzeel.
Het virtueel museum is uitermate geschikt om lokale verhalen te brengen die tot de verbeelding spreken. Verhalen die doen lezen, prikkelen en ontdekken.
Het kalf van Catho
In 1914 werd er in één van de 20 staatsboerderijen in Lommel-Kolonie – bewoond door Hendrikus Poelmans (°Lommel 23/12/1856 en +Lommel 02/11/1918) en Catharina (Catho) Claes °Lommel 10/09/1879 en +Munsterbilzen 17/06/1961) - een kalf met twee koppen geboren. Omdat dit zo een unieke gebeurtenis was, werd het dier opgezet en werd het een rariteit waar de inwoners van het gehucht nieuwsgierig naar kwamen kijken. Uit de Gazet van Lommel 2de jaargang, nr. 14 Zondag 5 april 1914 Pagina 2 Provincienieuws Colonie “Bij den pachter Poelmans alhier, is deze week een wonderkalf geboren, hebbende twee koppen gansch volmaakt. Spijtig dat het dier niet levend is kunnen geboren worden; de vaars ook is moeten afgemaakt worden”.
De stichting van Romeins Tongeren, de oudste stad van Vlaanderen
Rond 10 v. Chr. , ongeveer een halve eeuw na de Romeinse verovering van onze streken, stichtte het Romeins bestuur de stad Atuatuca Tungorum, het huidige Tongeren. Die naam verwijst naar de Tungri, die het voormalige gebied van de Eburonen bewoonden nadat de Romeinse generaal Julius Caesar deze laatste had uitgemoord. Van 16 tot 13 v. Chr. verbleef keizer Augustus persoonlijk in Gallië. Vermoedelijk besliste hij toen in samenspraak met het provinciebestuur van Gallia Belgica, waartoe het huidige Vlaanderen toen behoorde, de provincie op te delen in districten. Die districten kregen elk een nieuwe hoofdplaats. Tongeren werd de hoofdplaats van het district van de Tungri, dat zich uitstrekte over de oostelijke helft van het huidige België en enkele aangrenzende regio's in onze buurlanden. De stadsstichting had een enorme impact op de hele regio, die tot dan alleen kleinschalige landelijke bewoning had gekend. Bovendien maakte de nieuwe hoofdplaats deel uit van een netwerk dat het hele Romeinse rijk omvatte. Tongeren lag aan een strategische weg die de provinciehoofstad Keulen aan de Rijngrens verbond met Boulogne-sur-Mer aan de Noordzee.
het verhaal van Egmont (en de sporen ervan in Zottegem: Egmontkamer, Egmontcrypte, Egmontkasteel, Egmontstandbeelden)
het verhaal van (Lamoraal van) Egmont : een tragisch en levendig persoonlijk verhaal, ingebed in één van de hoofdthema's ('Geloven en twijfelen'/ scrollstory godsdienstoorlogen)