Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Op 12 maart 2024 lanceerden we FAAM, het virtuele museum van Vlaanderen, met verhalen die voortbouwden op voorstellen van vele erfgoedcollega's. Wil je jouw cultureel erfgoed laten schitteren in het museum? Bezorg ons dan jouw voorstel via het formulier hieronder.
Deze verhalen werden reeds ingediend
Tina Lucas en het verhaal van de Komeetlijn
Een belangrijk thema dat zeker niet mag ontbreken is de Komeetlijn en de rol die het Hasseltse echtpaar Collin daarin speelde. In de Hasseltse Demerstraat is aan een gevel een gedenkplaat bevestigd die herinnert aan Lucien Collin en zijn werk voor het Geheim Leger. Collin maakte, samen met zijn vrouw, onderdeel uit van de Komeetlijn.
Deze Komeetlijn was de ontsnappingsroute waarlangs vele neergestorte geallieerde piloten konden ontsnappen uit bezet gebied. Veel Hasselaren, Limburgers en Belgen waren bij deze geheime operatie betrokken.. Het is ondoenlijk om bij alle verhalen en daden van deze moedige landgenoten stil te staan. Dit verhaal focust zich daarom op de naam op de gedenkplaat: Collin. Wat deed deze man dat zo bijzonder was dat de woorden in de Demerstraat ons er tot op de dag van vandaag aan hem herinneren. Maar ook zijn vrouw Tina Lucas, een overlevende van de concentratiekampen mag zeker niet vergeten worden. Zij zou in dit thema de hoofdrol moeten spelen.
Zijn rugzak redde zijn leven
De Eerste Wereldoorlog, in het bijzonder de Slag bij Passendale, 1917.
Emile Claus en “Bietenoogst”
Emile Claus algemeen erkend als belangrijkste impressionist in Vlaanderen - “Bietenoogst” (1890), opgenomen op de Topstukkenlijst en erkend als één van de 10 belangrijkste kunstwerken in Vlaanderen. - 2024 uitgeroepen als Emile Clausjaar. - Emile Claus als Vlaamse Meester (cf. goedgekeurd dossier relance-project Vlaamse Meester door Toerisme Vlaanderen)
De eerste mensen in Vlaanderen
De tot nog toe oudste sporen van menselijke aanwezigheid in het gebied dat we tegenwoordig het Vlaamse gewest noemen zijn minstens 400000 jaar, maximaal 500000 (een half miljoen) jaar oud. Het gaat om silex (vuurstenen) werktuigen gemaakt door Heidelbergmensen (Homo heidelbergensis). Heidelbergmensen waren de voorouders van zowel de neanderthaler (Homo neanderthalensis) als van de moderne mens (Homo sapiens). De Heidelbergmens was 700000 à 500000 jaar geleden de eerste mensensoort die Europa ten noorden van de Alpen en de Pyreneeën koloniseerde. Het is dus mogelijk dat er in de Vlaamse ondergrond nog oudere resten op ontdekking wachten. In onze gewesten bevinden archeologische sites uit die tijd zich immers zeer diep onder de grond. Dat komt omdat ze tijdens de ijstijden begraven zijn onder metersdikke zand- of leemafzettingen. Ze komen daarom slechts bij toeval aan het licht onderin metersdiepe zand- of leemgroeves. Tussen 300000 en 200000 jaar geleden evolueerden de Heidelbergmensen ongeveer gelijktijdig in Europa tot neanderthalers en in Afrika tot moderne mensen.
De Kortrijkse theaterdecors: unieke getuigen van een theatertraditie
De Kortrijkse decors, het werk van de Parijse decorschilder Dubosq vormen een unieke collectie, niet alleen al door omvang en hoeveelheid maar tevens door kwaliteit en goede bewaring.
De Liermolen in Grimbergen
De Liermolen in Grimbergen, afdeling van het MOT, krijgt in 2024 met de steun van Vlaanderen een totale make-over. Alle gebouwen worden gerestaureerd en krijgen deels een nieuwe invulling, onder meer als erfgoedlogies. Het wordt een unieke beleving om te logeren in de voormalige molenaarswoning met werkende graanwatermolen te midden van een actieve museumsite. Aan de overkant van het erf komt een trekkershut voor de bedevaarders op weg naar Compostella. Het MOT heeft aan de Liermolen een educatieve werking met stages Vakwerk, een bijenhal in vakwerk waar imkers demonstaties houden, een bakhuis waar het brood gebakken wordt, een watermolen waar molenaars graan malen en een Wan-kot in vakwerk waar we graan dorsen en wannen. In de grote schuur, momenteel een Open depot van karren en wagens, komen na de restauratie hedendaagse workshop- en tentoonstellingszalen. Er wordt een onthaalpunt ingericht waar bezoekers info krijgen over het erfgoed en de natuur in de Maalbeekvallei.
Een ‘Pompei’ aan de Schelde
Water en de mens, een ambigue relatie bondgenoot als een vijand voor de mens geweest. Dit bewijst de verdronken middeleeuwse nederzetting nabij Doel die door de Sint-Elisabethsvloed van 1324 van de kaart werd geveegd. De strijd tussen mens en water proberen we in dit geval te vertellen in een verhaal over de onzekere middeleeuwse expansie van dorpskernen. Verder willen we de focus leggen op de strijd van de mens tegen de natuur, een strijd die met de opwarming van de aarde terug zeer actueel is.
De Beiaardcultuur in Vlaanderen: dat klinkt (erf)goed!
De beiaardkunst, of het musiceren op torenklokken met stokkenklavieren, is een muzikale traditie die haar wortels heeft in het Vlaanderen van de 16de eeuw. De beiaardcultuur zelf is echter meer dan enkel het musiceren. Het gaat ook om de kennis en kunde van de beiaardiers, het wijzigende repertoire dat gespeeld wordt binnen de traditie van bv. ‘marktbespelingen’ en zomeravondconcerten, en de opleiding van nieuwe generaties beiaardiers. Als collectief gebeuren speelt beiaardmuziek nog steeds een rol in het vertolken van waarden en gevoelens die in locale gemeenschappen leven…
De Lakenhallen van Ieper
De middeleeuwse lakenindustrie heeft het graafschap Vlaanderen grootgemaakt. Vanaf de 12de eeuw behoren de Vlaamse steden, met Ieper, Gent en Brugge voorop, tot de grootste steden van Europa. Geen enkel gebied is zo verstedelijkt als het toenmalige graafschap. En dit heeft de streek te danken aan de lakenindustrie. Laken, een wollen, vervilte stof, is enorm in trek: het is warm, zacht en waterafstotend. Vooral het middeleeuwse Ieper stond bekend om zijn kwalitatieve laken: de Ieperse dickedinne. 1 stuk laken is 1,75 meter breed, 29 meter lang en weegt circa 30 kilogram.
De Stiene Steekers zijn een groep vrouwen die de oude traditie van het garnaalvissen in ere herstellen. Wij gaan te voet in zee, bij laagwater, met een steeknet met een steek
garnaalstoet , laatste zondag van juni in Oostduinkerke
De groentetuin van Vlaanderen
In de streek tussen Antwerpen en Brussel bevindt/bevond zich de groentetuin van Vlaanderen. Van de eerste glazen dorpen in Wommelgem en Wilrijk tot de witloofdriehoek tussen Mechelen, Leuven en Brussel. Tot op de dag van vandaag telt deze streek heel veel actieve spelers in de tuinbouw, met zowel moderne als traditionele teelten. De meerderheid van onze gezonde voeding komt nog steeds uit deze historische groentestreek.
Straks winkelen met een Vlaamse munt
Dit is het verhaal van de Vlaamse Frank die midden jaren 80 een geduchte concurrent werd van de Belgische frank.
Handboekbinden en restauratie van papier en boekwerken
Het handboekbinden en de herstelling en restauratie van papier en boekwerken op kleine schaal voor het grote publiek.
Le Phoenix: de eerste moderne metaalfabriek van Vlaanderen
Gent is vandaag alom gekend om haar roemrijke textielverleden. Niet voor niets kreeg ze de bijnaam ‘Manchester van het vasteland’. Maar katoen was niet het enige dat er de industriële revolutie van de 19e eeuw aandreef. Wie weet nog dat samen met die spinnerijen en weverijen ook metaalfabrieken in de Arteveldestad floreerden? Dat is een veel minder bekend stukje Gentse geschiedenis. Le Phoenix, Carels, Van den Kerchove, ABC … vooral de Gentse machinebouwers stonden in de 19e eeuw met hun stoommachines en motoren aan de top van de Vlaamse en zelfs Europese machinebouw! Van Vlaanderen over Roemenië, Rusland en Belgisch Congo: Gentse machines dreven wereldwijd talloze fabrieken aan. Is het dan verwonderlijk dat Rudolf Diesel in 1894 de allereerste licentie om zijn befaamde Dieselmotor te produceren aan het Gentse bedrijf Carels gaf?
Museum voor Heem- en Oudheidkunde
Een museumpje uit Kontich, klein en fijn, wil er misschien ook wel bij zijn. Het heeft veel troeven in handen om eenieders hart te verwarmen... Het is geschikt voor jong en oud, arm en rijk.... Sowieso komt ge er qua kennis en ervaring rijker uit dan dat je er bent binnengegaan ! De onderwerpen zijn legio, zij behandelen als het ware alle aspecten van het leven, en wat de tijdspanne betreft, het bestrijkt een periode van de prehistorie tot laat ons zeggen het heden. Een paar opvallende items, die zeker aan het licht moeten komen, zijn de Gallo-Romeinse periode, die hier te Kontich serieus wat ' voeten in de aarde ' heeft gehad ! Die Romeinen wisten waar het goed leven was en de plaatselijke bevolking heeft er ' goedschiks of kwaadschiks '( zoals dit niet alleen hier maar ook elders in ons land gebeurde ! ) heel wat van overgenomen, getuige hiervan vele aantrekkelijk en educatief gerangschikte voorwerpen in een belangrijk deel van het museum . Er zijn in het verleden verscheidene opgravingscampagnes geweest, grotendeels verricht door de Avra ( Antwerpse vereniging voor Romeinse Archeologie ). Vanaf dan is het meer wetenschappelijk aangepakt. Daarvoor waren er ook al ' speurtochten' gebeurd, maar de kennis van de Archeologie was toen nog niet zo uitgebreid. Sowieso zijn er voldoende bewijzen aangeleverd om te stellen dat hier te Kontich een belangrijke nederzetting geweest is. Er zijn een aantal mooie maquettes te zien, vooral die van de Gallo-Romeinse tempel, die dit aanschouwelijk maken . Een ander interessant item in het museum zijn de ' Merklappen', die zeer befaamd zijn , maar...het kan altijd beter, een groter ' forum' zou alleszins welkom zijn !
Gegraveerde rolsteen uit een ver verleden
De rolsteen is een kwartsitische zandsteen die door een prehistorische jager-verzamelaar op het einde van de laatste ijstijd werd opgeraapt op een plek waar grind van het Kempisch Plateau dagzoomde. Hij maakte er tien groeven in, twee groepjes van vijf, en vulde ze op met een rode kleurstof. Hij verloor de steen of hij liet de steen bewust achter op de plaats die we nu kennen als de Maatheide in Lommel. Op die plaats kampeerden in die periode herhaaldelijk jager-verzamelaars op een hoge en droge zandrug aan de oever van een meertje. Het waren kolonisten, want het waren de eerste moderne mensen (homo sapiens) die in de Kempen rondzwierven.
De Romeinse zilverschat van Belsele
In het derde kwart van de 3de eeuw na Christus breken Germaanse troepen door de Romeinse limes. De Romeinse provincie waar onze regio deel van uitmaakt wordt geteisterd door gewelddadige raids. Vluchten is voor de toenmalige bewoners de enige optie. (thema vluchtelingen).
Theobalds Boothuisje in de Vlaanderenstraat, t'smalste Art-nouveau pand van Oostende
Theobalds Boothuisje is een Klein Museum, een Galerie en het Atelier van beeldend kunstenaar Irène Philips.
Molenforum Vlaanderen vzw
De vereniging stelt zich tot doel een overkoepelend forum te vormen voor alle in Vlaanderen werkzame molenverenigingen en molenmusea. Zij streeft ernaar alle onderzoeksvelden te behartigen die worden bestreken door molinologie. Molenforum Vlaanderen zet de moleneigenaars ertoe aan om hun cultureel erfgoed te restaureren en te onderhouden, adviseert en verleent steun bij de samenstelling van onderhouds- en restauratiedossiers en geeft desgevraagd praktische steun bij de uitvoering ervan. Zij steunt de "Europese Molenmaand Mei". Elk jaar wordt eind april een Vlaamse Molendag georganiseerd in de vijf Vlaamse provincies.
De 'tijdelijke' tombe van Robrecht van Béthune in de Sint-Maartenskathedraal in Ieper
We schrijven begin 14de eeuw. Graaf van Vlaanderen Gwijde van Dampierre en zijn zoon Robrecht van Béthune verzetten zich hevig tegen de annexatieplannen van de Franse koning Filips IV de Schone. De Franse vorst zet hen daarom gevangen. Na de dood van vader wordt Robrecht vrijgelaten. De Fransen dwingen hem wel om het nadelige Verdrag van Athis-sur-Orge (1305) te ondertekenen. Het graafschap Vlaanderen moet enorme herstelbetalingen doen aan de Franse koning. Na zijn vrijlating in 1305 verblijft Robrecht van Béthune regelmatig in zijn residentie aan het Zaalhof in Ieper. Hij houdt diplomatiek en militair lange tijd stand tegen de Franse koning. Mede onder druk van zijn kleinzoon Lodewijk II van Nevers geeft de bejaarde graaf Robrecht de strijd op. In april 1320 brengt hij in Parijs leenhulde aan de Franse koning. Robrecht van Béthune overlijdt in zijn grafelijke residentie op het Zaalhof in Ieper op 17 september 1322. Hij krijgt een graf in de kapittelkerk van Sint-Maarten in Ieper.
De emoties en inzet rond de vernederlandsing van de Gentse universiteit
"Tracht maar in Kaapland Uwen weg te maken, voorloopig is het hier voor een eerlijk man met gezond verstand een droevige tijd.” De emoties en inzet rond de vernederlandsing van de Gentse universiteit rond de eeuwwisseling.