Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Schittert jouw verhaal straks in het virtueel museum?
Op 12 maart 2024 lanceerden we FAAM, het virtuele museum van Vlaanderen, met verhalen die voortbouwden op voorstellen van vele erfgoedcollega's. Wil je jouw cultureel erfgoed laten schitteren in het museum? Bezorg ons dan jouw voorstel via het formulier hieronder.
Deze verhalen werden reeds ingediend
700 Jaar Duinheren aan de Vlaamse Kust
Bijna 700 jaar drukte de gemeenschap van de cisterciënzerabdij O.-L.-V.-Ten Duinen te Koksijde haar stempel op de ontwikkeling van de Noordzeekust van Duinkerke in Frankrijk, over de Vlaamse Kust tot het verdronken land van Saeftinghe in Nederland. Van bij de eerste abdij in 1128 – toen nog benedictijns – tot in 1833, het overlijden van de laatste Duinheer Nikolaas De Roover, waren de monniken van de Duinenabdij belangrijke maatschappelijke influencers aan de Vlaamse Kust. De sporen van de gemeenschap te Koksijde zijn vandaag nog altijd zichtbaar in het bewaarde erfgoed van architectuur en kunst tot dagelijkse voorwerpen, de historische domeinen, het kustlandschap en last but not least de imposante archeologische site en de devotie rond de Zalige Idesbald. Dit laatste vertaalt zich in plaatsnamen, persoonsnamen en immaterieel erfgoed, van volksdevotie tot de biercultuur.
Doelse kogge
Het Tourpeloton in de schaduw van de eerste wielerpioniers.
De allereerste officiële wielerwedstrijd in België op 20 juli 1868 in het Jubelpark te Brussel.
Asbest
Minder evidente thema's verdienen ook zeker een plaats in het virtueel museum. Thema's die schuren, die lastige episodes uit onze geschiedenis belichten. Asbest is zo'n thema. In de uitwerking zijn er veel mogelijkheden; een individueel (asbesthoudend) object vertelt een heel specifiek en zeer herkenbaar verhaal (bijvoorbeeld: bloembak uit eternit). De keuze kan ook vallen op asbest als thema, zodat de geschiedenis van verschillende regio's met elkaar verbonden worden.
De emoties en inzet rond de vernederlandsing van de Gentse universiteit
"Tracht maar in Kaapland Uwen weg te maken, voorloopig is het hier voor een eerlijk man met gezond verstand een droevige tijd.” De emoties en inzet rond de vernederlandsing van de Gentse universiteit rond de eeuwwisseling.
De Lakenhallen van Ieper, meervoudig icoon
De heropgebouwde Lakenhallen van Ieper zijn een belangrijk symbool van oorlogsleed en van wederopstanding. Het In Flanders Fields Museum en het Yper Museum zijn er in onder gebracht.
De Liermolen in Grimbergen
De Liermolen in Grimbergen, afdeling van het MOT, krijgt in 2024 met de steun van Vlaanderen een totale make-over. Alle gebouwen worden gerestaureerd en krijgen deels een nieuwe invulling, onder meer als erfgoedlogies. Het wordt een unieke beleving om te logeren in de voormalige molenaarswoning met werkende graanwatermolen te midden van een actieve museumsite. Aan de overkant van het erf komt een trekkershut voor de bedevaarders op weg naar Compostella. Het MOT heeft aan de Liermolen een educatieve werking met stages Vakwerk, een bijenhal in vakwerk waar imkers demonstaties houden, een bakhuis waar het brood gebakken wordt, een watermolen waar molenaars graan malen en een Wan-kot in vakwerk waar we graan dorsen en wannen. In de grote schuur, momenteel een Open depot van karren en wagens, komen na de restauratie hedendaagse workshop- en tentoonstellingszalen. Er wordt een onthaalpunt ingericht waar bezoekers info krijgen over het erfgoed en de natuur in de Maalbeekvallei.
Een unieke inkijk in een 18de-eeuws hospitaal
Het Sint-Janshospitaal in Brugge is één van de oudst bewaarde hospitaalgebouwen van Europa. De oude hospitaalzalen, de kapel, het zuster- en broederklooster, de historische apotheek ademen gewoonweg geschiedenis en de (kunst)voorwerpen die er worden bewaard en getoond, zijn specifiek gemaakt voor deze context. Ze getuigen van acht eeuwen zorg voor lichaam en ziel op deze plek. Het schilderij 'Zicht in de ziekenzalen' (1778) van Jan Beerblock biedt een unieke kijk in het vroegere hospitaalleven.
Handboekbinden en restauratie van papier en boekwerken
Het handboekbinden en de herstelling en restauratie van papier en boekwerken op kleine schaal voor het grote publiek.
Volksdans in Vlaanderen
Het thema van volksdans in Vlaanderen... In het buitenland geroemd om zijn rijkdom aan passen en figuren. Bij elk feest danste en zong men.
De oudste kaart van Vlaanderen
Binnen de manuscriptenverzameling van de Openbare Bibliotheek Brugge bewaren we een middeleeuwse kaart die bekend staat als de oudste kaart van Vlaanderen. Het is een topstuk. De kaart werd opgenomen in het boek De geschiedenis van België in 100 oude kaarten dat in 2021 verscheen.
De mammoet van Dendermonde
Hoewel de huidige klimaatsverandering voornamelijk 'man-made' is, is onze omgeving altijd al onderhevig geweest aan veranderingen. Als we onze blik richten naar de verre geschiedenis van onze streken zag het landschap er heel anders uit. Zeker tijdens de ijstijden veranderde er veel, de vlaamse vallei en het scheldebekken laten tot op de dag van vandaag sporen van hun verleden zien. De pleistocene fauna, met mammoeten en wolharige neushoorns, bevolkten toen een toendra-achtig landschap. Grote veranderingen in klimaat en landschap brengen steeds een grote impact teweeg op mens en andere fauna en flora.
Hendrik van Veldeke, een grensgeval?
Is Hendrik van Veldeke (tweede helft 12de eeuw) een Vlaming, Nederlander of Duitser? Hij wordt algemeen beschouwd als de eerste Nederlandse schrijver Omdat het grootste deel van zijn werk in Duitse handschriften is bewaard gebleven, wordt hij in de Duitse en de Nederlandse literatuurgeschiedenis ingelijfd, wat heftige polemieken uitlokte. Recent wetenschappelijk onderzoek laat uitschijnen dat deze discussies onterecht uitgaat van moderne landsgrenzen.
Hendrik van Veldeke is een Limburger maar vooral een ‘Europeaan avant la lettre’. Hij werd geboren in Spalbeek (Hasselt) en werkte vermoedelijk in dienst van de graven van Loon. Hij is geen lokale dorpsdichter, maar een geleerde clericus met een brede ‘Europese’ blik. Hij functioneert binnen een literair netwerk rond het hof van de Duitse keizer Frederik Barbarossa en zijn zoon Hendrik VI. Hij werkt binnen het Duitse Rijk waartoe het graafschap Loon (het huidige Belgisch Limburg) behoort.
De harp van de instrumentenmaker van Marie-Antoinette
De 18de eeuw is een eeuw van extremen. Terwijl de gewone bevolking in soms erbarmelijke omstandigheden moet leven en werken, leeft de adel en hoge burgerij in alle luxe. Zij zijn sterk op Frankrijk gericht en volgen de laatste mode uit Parijs. In Ieper bouwt François Merghelynck een prachtig stadspaleis, dat in de 19de eeuw tot museum wordt omgevormd. De collectie herbergt prachtige objecten die getuigen van de adellijke cultuur uit de 18de eeuw en het vakmanschap uit die periode. Eén object springt extra in het oog: een harp van de instrumentenmaker van Marie-Antoinette.
Van Groeningeabdij naar Abby
Het verhaal van de Kortrijkse Groeningebdij, gelinkt aan de Guldensporenslag en het mirakelbeeld van Onze-Lieve-Vrouw van Groeninge
Emile Wambach (Aarlen, 1854 - Antwerpen, 1924): oorlogscomponist en gecontesteerd conservatoriumdirecteur
De oprichting in 1867 van de Vlaamsche Muziekschool met de jonge componist-dirigent Peter Benoit (1834-1901) aan het hoofd, is van grote betekenis voor de Vlaamse cultuurgeschiedenis. De school - vanaf 1897 Koninklijk Vlaams Conservatorium - was de eerste instelling waar jongens en meisjes in het Nederlands een hogere opleiding muziek en toneel konden volgen. Sindsdien zijn er vele generaties musici, componisten, acteurs, woordkunstenaars en later ook dansers afgestudeerd, die het Vlaamse cultuurleven kleur(d)en. Uit het Antwerps Conservatorium ontstonden ook het kunstencentrum deSingel en de instrumentencollectie van het Museum Vleeshuis. In 1867 aanvaardde Peter Benoit het directeurschap van de Antwerpse Ecole de Musique op voorwaarde dat hij deze school onder de naam Vlaamsche Muziekschool van Antwerpen kon inschakelen in de Vlaamse muziekbeweging. Benoits visie op muziek, zijnde de inschakeling ervan in de V.B., lokte heel wat tegenstand uit. Ook het belang dat hij hechtte aan de nationaal-culturele aspecten van de opleiding, contrasteerde sterk met de uitsluitend technisch-muzicale accenten in de opleiding aan de traditionele conservatoria. Vandaar dat de school pas door het Koninklijk Besluit van 28 juni 1898 erkend werd als 'Koninklijk'. Meteen werd het Koninklijk Vlaams Conservatorium de eerste Belgische instelling van hoger onderwijs waar het Nederlands de officiële voertaal was. Het mocht dan ook het predikaat 'Vlaams' als een voorrecht in zijn naam bewaren. Geïnspireerd door Duitse voorbeelden ontwierp Benoit als eerste directeur een eigen Algemeen Leerplan dat hij in 1900 publiceerde, maar dat nooit volledig toegepast werd. Het voorzag onder meer in drie afdelingen: een voorbereidende afdeling, een conservatoriumafdeling en een hogeschool. Onder de opvolgers van Benoit als directeurs, namelijk Jan Blockx (1901-1912), Emiel Wambach (1912-1924), Lodewijk Mortelmans (1924-1933), Flor Alpaerts (1933-1941), Jef van Hoof (1942-1944), Lodewijk de Vocht (1944-1952), Flor Peeters (1952-1968), Eugène Traey (1968-1980), Kamiel Cooremans (1980-1991) en Michaël Scheck (1991-1995) bleef het Koninklijk Vlaams Conservatorium steeds een van de belangrijkste centra van de Vlaamse muziek. Toch had het vaak met tegenwerking af te rekenen. Zo werden eerst in 1922 de bezoldigingen van de leraars gelijkgesteld met die van de andere koninklijke conservatoria. Ook zou het tot in 1968 duren eer het gebouw aan de Sint-Jacobsmarkt dat in 1886 als 'voorlopig' onderkomen aan de school was toegewezen, kon geruild worden voor het nieuwe gebouwencomplex dat onder de benaming de Singel aan de voormalige Wezenberg werd opgetrokken. De bibliotheek waarvan de grondslag in 1874 werd gelegd, mede door schenkingen en legaten, is uitgegroeid tot een der belangrijkste in het land; zij bevat onder andere meer dan tienduizend handschriften van Belgische en vooral Vlaamse componisten. De concertvereniging van het Koninklijk Vlaams Conservatorium die in feite teruggaat tot 1881 maar die, na heel wat hoogten en laagten, werd heropgestart in 1935, schenkt geregeld aandacht aan het werk van Vlaamse toondichters uit heden en verleden. Verschillende belangrijke verenigingen waaronder de Koninklijke Vereni
Driekoningentaart
Het Bakkerijmuseum verzamelt sporen van het bakambacht en de bakcultuur in Vlaanderen. De traditie van Driekoningen en de bijbehorende taart is vandaag nog steeds een traditie die tot de levendige en rijke bakcultuur van Vlaanderen behoort.
Stad en platteland. Landbouwgronden voor een zorgzame stad
De relatie tussen stad en platteland, met de rol die steden (stedelijke instellingen en families) speelden in de ontginning en het beheer van het platteland én het belang van deze landbouwgronden om voedsel en inkomsten te voorzien voor de stedelijke zorginstellingen.
Wij willen ze levend! Steunpunt Levend erfgoed
Steunpunt Levend Erfgoed, SLE ijvert sinds 1993 voor de instandhouding van de oorspronkelijke en veelal zeldzaam geworden lokale rassen van landbouw- en neerhofdieren. Niet alleen kippen, kalkoenen, eenden, ganzen en duiven, maar ook honden, schapen, geiten, varkens, runderen en paarden dragen onze zorgen weg.
SLE brengt de problematiek rond oude huisdierrassen onder de aandacht. Steunpunt Levend Erfgoed organiseert acties om onze rassen in de kijker te plaatsen, bouwt netwerken uit, biedt dienstverlening aan overheden/organisaties en organiseert fokprogramma's.
Belevingstentoonstelling Zusters van St-Jozef
De voorbije vier eeuwen waren de Zusters van Sint-Jozef actief in het onderwijs, de geestelijke gezondheidszorg, de ouderenzorg en pastorale activiteiten. Bezield door de durf en ijver van hun stichter Jean-Pierre Médaille durfden ze het aan om landsgrenzen en zelfs oceanen over te steken.
Deze interactieve tentoonstelling laat je kennismaken met de geschiedenis en het gedachtengoed van de Zusters van Sint-Jozef.
De groentetuin van Vlaanderen
In de streek tussen Antwerpen en Brussel bevindt/bevond zich de groentetuin van Vlaanderen. Van de eerste glazen dorpen in Wommelgem en Wilrijk tot de witloofdriehoek tussen Mechelen, Leuven en Brussel. Tot op de dag van vandaag telt deze streek heel veel actieve spelers in de tuinbouw, met zowel moderne als traditionele teelten. De meerderheid van onze gezonde voeding komt nog steeds uit deze historische groentestreek.
Stucwerkplafonds van Jan Christiaen Hansche
In de Abdij van Park in Leuven vind je drie uitzonderlijke stucwerkplafonds van Jan Christiaen Hansche. In de tweede helft van de 17de eeuw liet abt Libert de Pape de plafonds van de refter, de bibliotheek en de ontvangstruimte rijkelijk versieren. De figuren komen letterlijk los van het plafond. Hanscha had als geen ander de driedimensionaliteit in de vingers waardoor zijn figuren als volleerde ruimtevaarders tegen het plafond lijken te hangen. De plafonds zijn van zo'n technisch vernuft dat het de meester-kalksnijder Jan Christiaen Hansche naam en faam verleenden in Vlaanderen en Brussel.